Hoe goed wil je zijn als organisatie?

“Ben je niet bang dat…” – als er een vraag is die verboden moet worden, is het deze. 

“Ben je niet bang dat mensen een rode handdoek in die wasmand te agressief vinden? Ben je niet bang dat mensen het gek vinden dat een zwarte jongen melk drinkt? Ben je niet bang dat zonder voice over de moeders die in de keuken staan niet bereikt worden? Ben je niet bang voor te weinig branding als ons logo niet 30 seconden in beeld staat?

Ja, lach er maar om. Ik heb ze allemaal in het echt voorbij horen komen. En erger.

Natuurlijk is het menselijk om voor de zekerheid vast te houden aan wat je kent. Vervelend is dat organisaties die in deze tijd voor zekerheid gaan hun merk en bedrijf op achterstand zetten.

Als je doet wat je deed, krijg je wat je kreeg. Dat is dus per definitie prak van gisteren, terwijl de wereld om je heen al aan morgen begonnen is.

Laat het zekerheidsdenken eens los. Je weet niet wat je meemaakt, zo verfrissend, bevrijdend, eye-openend en kansen vergrotend alsMyFinestHour dat voor je merk en bedrijf werkt.

Laat je verrassen. 

Ter inspiratie hieronder de schitterende anecdote van Paul Arden uit zijn boek: ‘It’s not how good you are, it’s how good you want to be’.

Boek zowel als anecdote leren je hoe leuk zowel als productief het is om je eigen zekerheid te durven loslaten. Bestellen, zou ik zeggen. Ik herlees het nog regelmatig en ik ben al heel lang nergens bang voor.

MY FINEST HOUR

I had been working with Richard Avedon in New York for a very ordinary client in the fashion industry. The theme was African print dresses. I wanted the models to be black and oily, dusty, dirty and wild. Leni Riefenstahl’s Nuba woman was the brief.

Avedon asked me whether we could paint the models up, to which I said yes. He then asked me if he could put the skirt on the head. I swallowed hard and said yes. I didn’t see the point of employing him and then not using him. I suggested a wild pig in the background. He said no, the subject itself is the story. 

A lesson in itself.

He seemed to be enjoying the shoot, and I asked why he was so enthusiastic when he was in a position to do whatever he wanted to do all the time. He said: “It’s not true Paul. I am employedby Vogue and they tell me what they want, and what they want is not always what I am interested in but I have a studio to run. So I do it”. Quite an eye opener. I was freer than he was.

After the shoot, I walked out of the studio on 74th street into a drizzly day with a yellow box of 8×10 Kodachromes under my arm. I remember the moment vividly. Would I rather be fired for having done them or not be fired having not done them?

There was no doubt in my mind. I would rather be fired. Those few seconds on 74th street were my greatest moment in advertising. When I got back ans showed them to my partner he thought I was mad. Fortunately the client loved them. This is art, he said.

They won every award there was to be won. The sad conclusion is: the client got fired.